Buitengewoon architecturaal erfgoed

Net zoals de naburige Chambre de Commerce (Kamer van Koophandel) is de Opéra de Lille een ontwerp van architect Louis-Marie Cordonnier (1854-1940). Cordonnier, afkomstig uit Haubourdin en gevestigd in Lille, bouwde talrijke villa’s, kerken en stadhuizen in de regio’s Nord en Pas-de-Calais. Hij was ook de architect van de badplaats Hardelot en ontwierp het Vredespaleis in Den Haag.

De list van de architect

Cordonnier wint de architectuurwedstrijd die het stadsbestuur van Lille in 1907 uitschrijft. Wanneer hij zijn project indient, staat hij al in voor de bouw van de Chambre de Commerce, ontworpen in de regionalistische stijl die hem nauw aan het hart ligt. Hij is dus een erkend architect, maar ook het mikpunt van afgunst. Hij weet dat zijn deelname aan de wedstrijd niet echt gewenst is en dat sommige juryleden hem willen zien falen.
Als reactie op die vijandige houding dient hij in het geniep twee projecten in, hoewel het reglement er maar één toestaat. In totaal dingen 17 projecten mee naar de prijs. Met zijn eerste ontwerp, in regionalistische stijl, verraadt hij zijn identiteit, ook al is de wedstrijd anoniem. Het tweede project, in een neoklassieke stijl die ongebruikelijk is voor Cordonnier, komt als winnaar uit de bus.

Technisch hoogstandje

Het perceel waarop de Opera wordt opgetrokken heeft een oneffen, vochtige en wankele ondergrond. Om de stabiliteit van het gebouw te verzekeren, gebruikt Cordonnier als fundering een ‘woud’ van 1050 betonnen palen die 5 meter diep ingegraven worden.
De muren van het gebouw zijn ook van gewapend beton, verborgen achter een stenen bekleding. De keuze voor gewapend beton is gedurfd voor die tijd, maar biedt veel voordelen:

  • brandveiligheid,
  • nelle en goedkope opbouw,
  • rote volumes met weinig tussensteunen, waardoor de zichtbaarheid voor de toeschouwers weinig belemmerd wordt.

Neoklassiek paleis

Bij het ontwerpen van de Opéra de Lille gebruikt Louis-Marie Cordonnier als inspiratiebronnen het Grand Théâtre van Bordeaux en de Comédie-Française van architect Victor Louis, de Parijse Opéra van Charles Garnier en de Opéra-Comique, eveneens in Parijs, van Stanislas-Louis Bernier.

De voorgevel
Boven het sober gelijkvloers niveau bevinden zich de drie grote vensters van de Foyer, omgeven door Ionische zuilen. De sculpturen in hoogreliëf van de Rijselse kunstenaars Hector Lemaire en Alphonse-Amédée Cordonnier, aan beide kanten van de ramen, zijn allegorische uitbeeldingen van de Tragedie (rechts) en de Muziek (links).
Het fronton van beeldhouwer Hippolyte Lefebvre verbeeldt een triomfantelijke Apollo, god van de kunsten en van het licht, omringd door zijn muzen en door Zefyr die rozenblaadjes rondstrooit.

Binnenparcours
In de monumentale inkomhal leidt een eretrap naar een overloop vanwaar de toeschouwers hun plaats in de Grote Zaal kunnen opzoeken, op de parterre of op een van de vier hogere verdiepingen, bereikbaar met een trap aan elke kant.
Op elke verdieping geeft een halfronde wandelgang toegang tot de vestiaires en de plaatsen in de zaal.

Grote Foyer
De Grote Foyer beslaat de volledige breedte van het gebouw. Hij staat in open verbinding met de eretrap en beschikt over vijf grote vensters. De rijkelijke decoratie is van de hand van Georges Picard (plafondschildering La Ronde des heures en ovale schilderijen La Musique en La Danse) en Georges-Armand Verez (allegorische beeldengroepen).
In de Grote Foyer vindt u de pauzebar en kunt u verschillende soorten concerten bijwonen.

Grote Zaal
Dit is een van de laatste theaterzalen in Italiaanse stijl die men in Frankrijk bouwde. Ze heeft de karakteristieke hoefijzervorm, met zaal en toneel gescheiden door de orkestbak. Ze bestaat uit een brede parterre en vier niveaus balkons en loges met in totaal 1138 plaatsen.
Het interieur van het gebouw staat volledig in het teken van de kunsten. Dat bevestigt ook het motto Ad alta per Artes (Naar de hoogte met de Kunsten) dat te lezen staat boven de beeldengroep van Edgar Boutry die het podium bekroont.
La Danse, La Musique, La Tragédie en La Comédie van dezelfde kunstenaar omringen een koepel, waarop acht geschilderde medaillons van Victor Lhomme en George Dilly de vrouwelijke deugden uitbeelden.

Rotonde
Deze vroegere rookkamer bevindt zich onder de zaal. Het is een rond vertrek omgeven door een elegante zuilengalerij.
Aan de ingang van de Rotonde, onderaan de eretrap, staat het beeld La Petite Danseuse van Hippolyte Lefebvre.